Als je elektriciteit produceert en teruglevert aan het net, heb je altijd te maken met een netbeheerder. De netbeheerder draagt zorg voor een veilige en betrouwbare energielevering en zorgt dat de energiestromen in balans zijn. Wat moet je als energie-initiatief of -coöperatie weten over netaansluitingen? Gerja Koldenhof van Stedin beantwoordt de belangrijkste vragen.

Sinds 2015 is er speciaal voor energiecoöperaties en VvE’s de experimentenregeling elektriciteitswet, uitgevoerd door RVO.nl. Hiermee wordt de mogelijkheid aangeboden om bij energie experimenten af te wijken van de elektriciteitswet en als energiecoöperatie of VvE een aantal taken over te nemen die normaliter aan de netbeheerder toebehoren. Lees er hier meer over.

1. Wat doet een netbeheerder?

Netbeheerders zijn in Nederland onderverdeeld naar regio. De grootste beheerders zijn Stedin, Enexis en Liander, tevens partner van HIER opgewekt. Een netbeheerder heeft een bijzondere positie. Je kunt niet zelf je netbeheerder kiezen. De kerntaken van een netbeheerder zijn daarom gereguleerd. Deze kerntaken betreffen aanleg, beheer en onderhoud van elektriciteits- en gasnetten, transport van elektriciteit en gas, plaatsen en beheren van slimme meters, en marktfacilitering. ACM bepaalt de prijzen die een netbeheerder mag rekeningen.

2. Hoe werkt een netaansluiting?

Voor een aansluiting heb je nodig:

  • Netkabel (netwerk);
  • Aansluitkabel (kabel tussen aansluiting en object dat elektriciteit nodig heeft);
  • Aansluiting (aangeduid met een EAN-code);
  • Meter (op de aansluiting, meet aantal kWh van en naar object).

De netbeheerder is verantwoordelijk tot en met de aansluiting. Alles daarachter is de verantwoordelijkheid van het energie-initiatief of -coöperatie, die dit zelf regelt met een energieleverancier of installateur.

Een standaard aansluiting kun je aanvragen via www.mijnaansluiting.nl. De gewenste grootte van de aansluiting moet je zelf aangeven. Dit geef je door bij het aanvragen van de aansluiting. Een netbeheerder mag niet adviseren over de grootte van een aansluiting. Je installateur of adviseur kan hier wel bij helpen. Hierbij is het verstandig om te letten op de ervaring die een installateur heeft met zonne-energie installaties. Dit kan bijvoorbeeld door te letten op het Zonnekeur.

Onderstaand de mogelijke aansluitingen bij de verschillende regelingen (en viceversa):

 
  Kleinverbruik Grootverbruik 'Virtueel'
Salderen X    
Postcoderoos X X X
SDE+   X  

Tabel: mogelijke aansluitingen bij de verschillende regelingen (en viceversa)

3. Bestaande of nieuwe netaansluiting?

Soms is er al een aansluiting, als je bijvoorbeeld zonnepanelen op het dak van een sporthal neerlegt waar al elektriciteit is. Je kunt de bestaande aansluiting van de locatie gebruiken, maar zorg dan voor een goede relatie met de eigenaar van de aansluiting. Maak afspraken over hoeveel de locatie betaalt voor de opgewekte stroom en hoe jullie dit onderling verrekenen. Leg dit zwart op wit vast, dan voorkom je onenigheid terwijl je installatie ondertussen klaarligt voor gebruik. Ook als er al een bestaande aansluiting is, kun je ervoor kiezen toch een nieuwe aan te leggen. Er kunnen meerdere aansluitingen op één WOZ-locatie worden gerealiseerd.

4. Klein- of grootverbruikaansluiting?

De benodigde capaciteit – ofwel de doorlaatwaarde – bepaalt de grootte van de aansluiting.

  • Kleinverbruik: niet groter dan 3x80A
  • Grootverbruik: groter dan 3x80A

Ter illustratie: de overgang van klein- naar grootverbruik ligt op ongeveer 200 zonnepanelen van 250Wp per paneel. Dit is een schatting, laat dit goed checken door de installateur! De capaciteit bepaalt ook of er een 1- of 3-fasenaansluiting nodig is. Vaak zal dit voor duurzame projecten – bijvoorbeeld zonnepanelen of een warmtepomp – een 3-fasenaansluiting zijn, om de afzonderlijke fasen minder te belasten. De netbeheerder kan niet helpen bij het vaststellen van de capaciteit of het aantal fasen van de aansluiting. Vraag hiervoor een installateur.

5. Wat is een zuivere terugleveraansluiting?

Bij een zuivere terugleveraansluiting heb je geen verbruik, maar lever je enkel elektriciteit terug aan het net. Bijvoorbeeld als je op het dak van een bedrijf stroom opwekt met zonnepanelen, maar deze stroom niet aan het bedrijf levert. Geef deze aansluitingsvorm duidelijk bij de netbeheerder aan, want hiervoor gelden lagere periodieke kosten.

6. Wat is een virtuele aansluiting?

De virtuele aansluiting is een aansluiting die eigenlijk niet bestaat. Het is een aftakking achter een bestaande grootverbruikaansluiting met daartussen een aparte meter. De virtuele aansluiting is bedoeld voor initiatieven die gebruikmaken van de postcoderoosregeling (regeling verlaagd tarief). Het voordeel van de aansluiting is dat er geen nieuwe, dure kabels de grond in hoeven voor aansluiting op het net. Daarmee lijkt het voor initiatieven een betaalbaar alternatief voor een voorheen verplichte tweede grootverbruiksaansluiting.

Een virtuele aansluiting kan aangevraagd worden door lokale duurzame energie initiatieven. Voor een virtuele aansluiting geldt dat deze niet gereguleerd is. Dat betekent dat je betaalt voor de daadwerkelijk gemaakte kosten. Dit kan in de praktijk erg verschillen. Pilots tonen aan dat de aansluiting afhankelijk van de omstandigheden alsnog vrij duur kan zijn, dus treedt hierover in een vroeg stadium in contact met de netbeheerder. Er zijn in Nederland nu enkele virtuele aansluitingen gerealiseerd. Bij projecten van DE Ramplaan, Energierijk Voorst en Lochem Energie is hier voor gekozen, omdat de LDE een goedkoper alternatief bleek.

Voor een virtuele aansluiting geldt dat de échte aansluiting van de eigenaar van het gebouw blijft. Het is daarom belangrijk om goede afspraken hierover met de eigenaar te maken. De eigenaar van de werkelijke aansluiting krijgt ook de factuur toegestuurd.

Lees hier meer over hoe en waarom Liander samen met Netbeheer Nederland de virtuele aansluiting ontwikkelde.

Infographic: LDE aansluiting in beeld
Infographic Liander: LDE aansluiting in beeld

7. Wat is een extra meetpunt (secundair allocatiepunt)?

Door het realiseren van een extra meetpunt wordt het mogelijk om op één aansluiting meerdere energieleveranciers te contracteren. Zo wordt het eenvoudiger om een aansluiting te delen en de afgenomen- en opgewekte energie los van elkaar te verrekenen. Een extra meetpunt realiseren is alleen mogelijk bij een elektriciteitsaansluiting. 

Bij kleinverbruik plaatst de netbeheerder een tweede elektriciteitsmeter achter de bestaande aansluiting. De afbeelding hieronder geeft dit schematisch weer.

 

extra meetpunt kleinverbruik

Bron: Stedin

Bij grootverbruik ben je zelf verantwoordelijk voor het aanwijzen van een meetverantwoordelijke en kun je kiezen voor een parallelle of seriële aansluiting. De afbeelding hieronder geeft beide opties schematisch weer.

extra meetpunt grootverbruik

Bron: Stedin

Neem altijd contact op met je netbeheerder om te bespreken of een extra meetpunt geschikt is voor jullie situatie. Er zijn voordelen maar ook punten van aandacht bij het extra meetpunt, lees ze hier. 

Meer informatie? Kijk dan op mijnaansluiting.nl.

8. Van welke regelingen kan ik gebruikmaken?

Salderen : kleinverbruikaansluiting
Postcoderoos: kleinverbruikaansluiting, grootverbruikaansluiting en 'virtuele' aansluiting
SDE+ : grootverbruikaansluiting

9. Wat kost een netaansluiting?

De kosten van een aansluiting hebben veel effect op de business case van een zonnedak of –park. Elke netbeheerder heeft eigen prijzen, die de toezichthouder bepaalt. Er zijn eenmalige kosten (aansluiting aanleggen of verzwaren) en periodieke kosten (aansluiting in stand houden). De kosten zijn daarnaast afhankelijk van de capaciteit van de netaansluiting. De tarieven voor verschillende aansluitingen zijn op de websites van de netbeheerders te vinden en te downloaden. Het is mogelijk om meerdere offertes op te vragen voor verschillende opties. Zet er in ieder geval bij dat het om een aansluiting voor een zonnepark gaat.

Voor het aanleggen van een nieuwe netaansluiting betaal je vanaf 25 meter per meter kabel. Dit kan, bijvoorbeeld met een veldopstelling, flink oplopen. Er wordt door netbeheerders gewerkt aan openbare kaarten van het bestaande netwerk. Op deze kaarten is te zien hoe ver van de gewenste locatie een geschikt aansluitpunt is.

Het kan ook interessant zijn om, in verband met de business case, de pieken van het zonnepark af te toppen. Het kan zijn dat met een iets lagere piek, de aansluiting minder groot kan zijn. Wat scheelt in de kosten voor de aansluiting. Dit kan opwegen tegen een gering verlies van opbrengst in kWh. Liander heeft een aansluitcalculator om dit zogenaamde aftoppen door te rekenen.

10. Hoe vraag je een netaansluiting aan?

  • Check op www.eancodeboek.nl wie de netbeheerder is. Bekijk de website van de beheerder voor rekenvoorbeelden en procedures. Voor grootverbruik geldt soms een aangepaste aanvraagprocedure.
  • Vraag een nieuwe aansluiting of offerte aan op www.mijnaansluiting.nl.
  • De procedure is doorgaans aanvragen – offerte – betalen – realisatie. Na de aanvraag volgt eerst een offerte. Een offerte verplicht nog tot niets, je kunt er van afzien. Tijdens het maken van een businesscase kun je dus ook een aanvraag doen om de haalbaarheid van je project te toetsen. Pas bij betaling is de aanvraag voor de aansluiting definitief en zal er door de netbeheerder actie worden ondernomen.
  • Vul op het aanvraagformulier onder ‘opmerkingen’ in waarvoor de aansluiting bedoeld is. Dat voorkomt verwarring achteraf over het soort aansluiting. De netbeheerder kan zo direct een passende offerte uitbrengen.
  • Virtuele aansluitingen of grote projecten zijn maatwerk. Neem hiervoor altijd voorafgaand aan een aanvraag contact op met de netbeheerder.
  • Een netbeheerder is wettelijk verplicht om binnen 18 weken na de aanvraag een nieuwe elektriciteitsaansluiting aan te leggen. Dat betekent niet dat het standaard 18 weken duurt, het is alleen lastig te van te voren aan te geven of een aansluiting sneller gerealiseerd kan worden. Over het algemeen geldt dat een kleinverbruikersaansluiting eenvoudiger is, maar ook daar kunnen er in de praktijk obstakels zijn. Een nieuwe aansluiting aanleggen is veel werk, zeker als er vergunningen nodig zijn. Begin daarom op tijd met de procedure.
    Let op: De wettelijke termijn van 18 weken gaat pas in op het moment dat de betaling binnen is. Pas dan gaan netbeheerders aan de slag. Houd hier in de planning rekening mee!
  • Niet te vergeten: sluit een overeenkomst met een energieleverancier. En bij een grootverbruikaansluiting met een meetbedrijf. Anders wordt een aansluiting niet aangesloten.

11. Wie factureert de aansluitkosten?

Kleinverbruik: eenmalige factuur van de netbeheerder, periodieke factuur van de leverancier
Grootverbruik: eenmalige en periodieke factuur van de netbeheerder

12. Hoe wordt de netaansluiting bemeten?

Welke partij de bemeting doet, is afhankelijk van de aansluiting. Bij een kleinverbruikersaansluiting meet de netbeheerder via een slimme meter. Kijk voor meer informatie op www.onsenergie.net (initiatief van alle Nederlandse netbeheerders). Op www.energieverbruiksmanagers.nl staat een overzicht van verbruiksmanagers, waarmee je je slimme meter kan uitlezen.

Bij een grootverbruikersaansluiting meet de meetverantwoordelijke/meetbedrijf. Deze kun je zelf kiezen. Voor SDE+ is daarnaast een bruto productiemeter verplicht.

13. Moet ik mijn installatie ergens aanmelden?

Het is verstandig om de installatie aan te melden op www.energieleveren.nl. Zonder deze data kan een netbeheerder niet anticiperen. Dat kan tot problemen met de capaciteit van het net leiden. Ook wordt de data gebruikt voor het monitoren van de energiedoelstellingen. Grotere projecten worden opgenomen in de CRM van de netbeheerder.

14. Hoe gaan netbeheerders om met al die extra decentrale opwek?

Wat gebeurt er als op alle daken zonne-energie wordt opgewekt? Dit is een vraag die netbeheerders zich stellen. De oude reflex is het verzwaren van het net, indien nodig, om aan de capaciteit te kunnen voldoen. De oplossing kan echter ook lokaal gezocht worden. Denk aan het combineren van zonne-energie met windenergie op één aansluiting. Er wordt ook gewerkt aan pilots met elektrisch laden, wijkaccu’s en huisaccu's en sturing van energiegebruik. 

Dit artikel is geschreven met medewerking van Gerja Koldenhof (Stedin) en verder gedetailleerd naar aanleiding van de presentaties van Gerja Koldenhof (Stedin), Henk Kistemaker (Enexis) en Fokko Reinders (Enexis) tijdens de kennissessies projectrealisatie zon op 4, 14 en 19 april 2016. Laatste update dd. 07 juni 2018.

  • Download hier de bijhorende presentatie van Gerja Koldenhof.
  • Download hier de bijhorende presentatie van Henk Kistemaker.
  • Download hier de bijhorende presentatie van Fokko Reinders.