De landelijke trends liegen er niet om: het aantal elektrische auto’s in Nederland groeit, net als het aantal elektrische deelauto’s. Maar de echte uitdaging is niet hoeveel wagens er zijn, maar hoeveel kilometers ermee gereden worden. Wat zijn concepten, onderliggende businessmodellen en eventuele samenwerkingsmogelijkheden om het gebruik van elektrische deelauto’s te stimuleren?

Veel (lokale) duurzame autodeelinitiatieven in Nederland opereren nog solistisch. Een gemiste kans, vindt onder meer Tonnie Tekelenburg van LochemEnergie. Door onderlinge samenwerking kunnen energiecoöperaties een schat aan ervaringen én geleerde lessen delen. “Alleen dan zetten we duurzame mobiliteit in Nederland beter op de kaart. Dat begint bij het aantrekken van meer gebruikers. Want, hoe krijgen we al die mooie elektrische deelauto’s ook daadwerkelijk gevuld? Voor die uitdaging staan we allemaal”, zegt Tekelenburg.

Drie type autogebruikers

Volgens Jan Theunissen, adviseur van deelautoconcepten bij Bureau Albatros, zijn gebruikers grofweg in drie groepen te verdelen:

  1. De ‘gewone’ autobezitter - is gewend aan een eigen auto en staat huiverig tegenover deelconcepten
  2. De risicoloze autodeler - heeft twee auto’s en zet er één in als deelauto
  3. De ‘all-in’ autodeler - zet zijn auto in als deelauto of heeft geen auto (meer) en maakt gebruik van de deeldienst

Groep 2 en 3 zijn vooralsnog schaars. Daar komt bij dat men nog niet echt loopt te springen om elektrisch deelvervoer. “De kans van slagen groeit als er bij autorijders al een link is. Probeer eerst de groep te bereiken in de buurt die al aan ‘gewoon’ autodelen doet”, aldus Theunissen.
 

Deelauto initiatieven

Deelauto initiatieven: Buurauto, MyWheels en Stapp.in

Een initiatief dat dit doet is Buurauto. Via het autodeelplatform kunnen geïnteresseerden samen een elektrische deelauto leasen. Oprichter Alex van de Woerd: “We zijn klein begonnen in Amersfoort. Daar liepen autodelers aan tegen zaken als sleuteloverdracht, autoverzekering en het afstemmen van agenda’s. Dit regelwerk zijn wij gaan overnemen en daar elektrische auto’s bij gaan aanbieden.” De drempel om te beginnen met het deelconcept ligt volgens Van der Woerd bij 20.000 km: dan draait de auto lekker en haal je de kosten eruit.

Andere voorbeelden zijn MyWheels en Stapp.in. MyWheels voorziet deelauto’s van een systeem waarmee deuren via een app geopend kunnen worden. Stapp.in is een autodeelplatform voor particulieren én bedrijven. Alle partijen komen graag in contact met gebruikers of initiatiefnemers die willen beginnen met autodelen, maar niet weten hoe ze dit moeten doen of hoe ze leden kunnen werven.

Kies jouw deelconcept

Welk type deelconcept je kiest, bepaalt mede je businessmodel. Maak je de auto’s toegankelijk voor iedereen en wil je diverse modellen voor diverse behoeftes? Ook moet je beslissen of je persoonlijk contact met en tussen rijders wil. En wie is de eigenaar van de auto en draagt de verantwoordelijkheid? In de keuken kijken bij bestaande autodeelinitiatieven kan je op nieuwe ideeën brengen en behoeden van het maken van dezelfde (opstart)fouten.

Cross-over kansen

Door de samenwerking met bestaande energiecoöperaties te zoeken, worden krachten gebundeld. “Ik heb het idee dat we ons allen nog vooral richten op ons eigen ding. Laders focussen zich op laden en vervoerders op vervoer. In deze cross-over is veel te winnen”, zegt Theunissen. Als voorbeeld noemt hij de huidige ontwikkeling in Amsterdam: “Daar leveren sommige gebruikers hun elektrische auto’s weer in door een tekort aan vrije laadpalen.”

Norbert Buiter van energiecoöperatie Grunneger Power benadrukt de kansen voor samenwerking. Grunneger Power levert groene energie die lokaal wordt opgewekt door Groningers. Het bedrijf is eigenaar van ruim 570 laadpalen, voor zowel particulieren als taxichauffeurs. “Maar het hebben van laadpalen zegt niet per definitie dat er ook lokale initiatieven zijn die ze gebruiken. Daar hebben we elkaar weer nodig”, zegt Buiter.

Hulp bij beslismomenten

Nieuwe (burger)initiatieven willen uiteraard vol enthousiasme aan de slag. Maar er moeten vele keuzes worden gemaakt. Vanuit LochemEnergie ondersteunt Tonnie Tekelenburg coöperaties en initiatiefnemers bij vier belangrijke beslismomenten:

  • Samenwerkingsarrangementen: welke rol pak je?
  • Deelconcepten: welk type deelconcept kies je?
  • Platformaanbod: hoe regel je de backoffice? Welke hard- en software zet je in?  
  • Businessmodel: wat wordt je schaalgrootte en welk verdienmodel wil je?

Tekelenburg onderstreept het belang om als (nieuw) initiatief een duidelijke rol te pakken. “Waarborg als coöperatie je identiteit. Bij LochemEnergie hebben we niet de illusie dat we overal goed in moeten zijn. We richten ons op het trekken van de kar binnen de gemeente Lochem. Dit schaalvoordeel brengt lagere kosten en risico’s met zich mee. We zoeken business uit collectieve investeringen van burgers en lokale partijen en kiezen voor coöperatieve ondersteuning in de regio”, aldus Tekelenburg.

Een scherp businessmodel

Of je nu een commerciële of non-profit doelstelling nastreeft: elektrische deelauto’s rendabel op de markt zetten, vereist een scherp businessmodel. Dit kan bijvoorbeeld in abonnementsvorm of via een all-in uurtariefsysteem. “Je hoeft niet per se winstgevend te zijn, als je maar kostenneutraal bent. Sluit je schaalgrootte aan op de kosten van de organisatie, het beheer en de administratie”, zegt Tekelenburg. En wat je zelf niet kan, daar kan dus de (lokale) samenwerking voor worden opgezocht. In de woorden van Alex van de Woerd van Buurauto: “Als lokale initiatieven opereren we allemaal op andere plekken. De vijver is zo groot, laten we daar dan ook samen in vissen.”

Dit artikel is tot stand gekomen met dank aan Tonnie Tekelenburg (LochemEnergie en VECG), Alex van der Woerd (Buurauto), Norbert Buiter (Grunneger Power), Jan Theunissen (Bureau Albatros) en is geschreven n.a.v. de gelijknamige deelsessie tijdens het evenement HIER opgewekt 2017.