De transitie naar aardgasvrij wonen vraagt nogal wat. Voor zowel bewoners als veel organisaties en bedrijven is het een relatief nieuw thema. De benodigde kennis en techniek voor aardgasvrij wonen zijn nog volop in ontwikkeling, en het is nogal een uitdaging om dan ook de bewoners goed te informeren en te betrekken. In een reeks artikelen laten we partijen aan het woord die voor hun vakgebied antwoord geven op de vraag “hoe communiceer je op een slimme manier met bewoners over aardgasvrij wonen?”.

Het eerste artikel is van Iris Cockx van PLANTERRA en spitst zich toe op het grondwerk bij het aanleggen van een warmtenet.

In 2050 moet Nederland van het gas af zijn. Daarvoor moeten vaak veel maatregelen genomen worden achter de voordeur. De gasleidingen kunnen de grond uit en er moet soms plaatsworden gemaakt voor warmtenetten. Dat de straat opengaat ervaren bewoners soms als overlast. Aan de andere kant biedt het de kans om de openbare ruimte eens kritisch te bekijken, aan te pakken en te verbeteren. Iris Cockx, adviseur bij PLANTERRA, zet de opties en kansen op een rij.

Van het gas: wat gebeurt er in de openbare ruimte?

Aardgasvrij wonen kan technisch op verschillende manieren worden bereikt. Sommige vormen vragen letterlijk om plek in de openbare ruimte, en niet alle plekken zijn geschikt voor bepaalde oplossingen. En daar bovenop: ruimte is in de steeds drukker wordende stad schaars of aardig vol. De ondergrondse ruimte is al flink gevuld met kabels, leidingen en boomwortels. De bovengrondse ruimte is ingericht met wegen, parken en speeltuintjes. Soms zal een andere functie, bijvoorbeeld een groen perkje of parkeerplaats, plaats moeten maken voor transformatorruimte. Of snijdt een warmtetracé boomwortels af van de mooie oude boom in de straat. En dat kan best zuur zijn voor de buurt.

Wat is de impact van aardgasvrij wonen?

Niet bij alle alternatieven voor gas moet de schop de grond in. Zo kan groen gas via het bestaande gasnetwerk worden verspreid. Er zijn echter twee varianten die gevolgen hebben voor de openbare ruimte:

  1. Warmtenetten
  2. All electric

Bij warmtenetten zal een netwerk van leidingen aangelegd moeten worden om de warmtebron, bijvoorbeeld een fabriek, te koppelen aan woningen. Het tracé is meestal meerdere kilometers lang en moet door de bodem van de bestaande stad worden gelegd om woningen te bereiken. De straat moet hiervoor open, soms meters diep en maandenlang. Bewoners zullen zeker merken dat er gewerkt wordt en hier hinder van ondervinden.

All electric heeft minder impact. Oplossingen kunnen grotendeels op het bestaande elektriciteitsnetwerk worden aangesloten. Er lijkt dus geen verandering nodig, maar met name koude winterperiodes zorgen voor piekbelastingen van het netwerk. Er is daarom aanvullende transformatorruimte, bijvoorbeeld een transformatorhuisje, nodig om iedereen van voldoende stroom te voorzien. En dat vraagt om ruimte.

Kansen benutten en ambities nastreven

Als een straat open moet, wordt dit door bewoners en lokale ondernemers vaak ervaren als iets negatiefs. Graafwerkzaamheden zorgen voor overlast en de straat moet soms worden afgesloten. Terwijl dit juist het moment is om kansen te grijpen. Asfalt en straatstenen kunnen bijvoorbeeld weer mooi strak gemaakt worden. De openbare ruimte is ook een plek om te sporten, te ontmoeten en te recreëren. Als de schop de grond in gaat, ontstaat een moment om eens kritisch naar het gebied te kijken. Zijn er nog meer grote opgaven? Is er hittestress of wateroverlast? Kunnen er tegels uit en groen erin? Is de straat veilig genoeg? Is er behoefte aan ruimte voor ontmoeten of spelen? En hoe kunnen we dit bereiken? 

De noodzaak is om dit samen te doen met bewoners en samen de prioriteiten voor de buurt te bepalen. Wat vindt de buurt belangrijk? Met de invoering van de Omgevingswet wordt participatie zelfs verplicht. De energietransitie kan zo de aanleiding zijn tot juist positieve veranderingen in de buurt.

De keuze voor de wijk

Gemeenten zijn druk bezig met het kiezen van wijken die als eerste van het gas af gaan. De keuze voor de eerste wijken is afhankelijk van vele criteria, bijvoorbeeld wat voor type woningen  kansrijk zijn. Ook de openbare ruimte is medebepalend. Zo komt het voor, vooral bij wijken uit de jaren ’50-‘60, dat verouderde riolering vervangen moet worden. Dat is een grootschalige ingreep. Maar ook de wens om andere ambities te behalen, zoals het bereiken van een gezonde wijk of het tegengaan van wateroverlast, kan leidend zijn om te starten in een wijk. 

Het stapelen van de technische noodzaak én de ambities vormt natuurlijk helemaal een mooi startpunt voor het gesprek met de wijk. De straat wordt dan niet alleen aardgasvrij, maar meteen gezond en klimaatbestendig! Je kunt op deze manier positieve energie creëren, werkzaamheden combineren en bewoners meteen een fijnere plek geven. De Croeselaan in Utrecht is een mooi voorbeeld waar noodzaak en ambities samenkomen. Dit project startte vanuit de wens van bewoners om er aangenaam te kunnen lopen en zitten. Nu is het een van de duurzaamste straten van Utrecht en zijn meerdere wensen in vervulling gegaan. 

Opgaven direct inzichtelijk

Het is kostbaar en vervelend voor iedereen als het ene jaar het asfalt wordt vervangen en drie jaar later de straat opnieuw open moet voor een warmtenet. Om werkzaamheden efficiënt te combineren moeten de gegevens van de openbare ruimte op orde zijn. Wat is de kwaliteit van de wegen? Wanneer moet het riool worden vervangen? Waar is hittestress? Waar moet de openbare ruimte toegankelijker worden? Het liefst staan deze gegevens ingetekend op één kaart. In een oogwenk is zo zichtbaar waar de komende jaren werkzaamheden plaats moeten vinden. Sommige gemeenten zijn al ver met de ontwikkeling van een overzichtelijk kaartsysteem. Zoals gemeente Ede die niet alleen de werkzaamheden van de gemeente op de kaart zichtbaar maakt, maar ook de netbeheerders laat aansluiten op het kaartsysteem. Daarnaast zien we ook waterbedrijven zoals Brabant Water steeds meer werkzaamheden en vervangingen van leidingen in beeld brengen. Deze data maken in één keer zichtbaar waar de mogelijkheden voor combineren liggen, kansen ontstaan en waarbij aangesloten kan worden. En het voorkomt missers.

Genoeg te doen

Kortom, het moet groener, socialer en koeler. En we moeten van het gas af. De energietransitie is de perfecte duw in de rug om buurten een positieve ontwikkeling mee te geven. De straat is geen probleem, maar juist een kans voor een duurzame toekomst van de openbare ruimte.

Dit artikel werd geschreven door Iris Cockx van PLANTERRA.