Auto’s die rijden op groene stroom, in plaats van op gas en benzine: dat is de toekomstvisie die Enpuls inspireert om na te denken over slimme duurzame mobiliteit. Bregje Vos, projectleider bij Enpuls, onderzoekt hoe dit realiteit kan worden. Want als alle auto’s elektrisch worden, is daar passende infrastructuur voor nodig is.

Verwacht wordt dat het aantal elektrische auto’s dat in Nederland rijdt binnen tien jaar groeit van 100.000 naar een miljoen. Duurzame mobiliteit is dan ook een van de speerpunten binnen Enpuls, het onderdeel van de Enexis Groep dat nadenkt over duurzame energie-oplossingen. Al deze auto’s zullen in de toekomst immers behoefte hebben aan groene stroom.

Bregje Vos zoekt als projectleider bij Enpuls naar slimme manieren waarop zowel gebruikers van energie als marktpartijen kunnen bijdragen aan een goede balans op het energienet. “Groene stroom is veelal afhankelijk van externe omstandigheden, zoals wind of zon,” legt zij uit. “Daardoor ontstaan er pieken in het energie-aanbod; er is veel aanbod zodra er veel zon of wind is. Ook in de energievraag bestaan er pieken, bijvoorbeeld aan het begin van de avond wanneer veel mensen thuiskomen van hun werk, apparatuur inschakelen en hun elektrische auto aan de lader hangen.” Om te zorgen dat het energienet betrouwbaar blijft en om energie voor iedereen betaalbaar te houden, zijn slimme oplossingen nodig.

Goede balans op energienet

Auto’s kunnen daar een belangrijke rol in spelen. Ze gebruiken namelijk niet alleen energie om op te laden; zij kunnen ook dienst doen als mogelijke opslagplaats voor energie. “Een elektrische auto is eigenlijk een accu die kan rijden,” zo verwoordt Vos het idee. “Het teveel aan lokaal opgewekte energie zou je kunnen opslaan in de accu, om die op andere momenten juist uit de auto te halen.”

In de zoektocht naar manieren om de vraag naar en het aanbod van energie goed te verdelen, onderzoekt Enpuls nieuwe vormen van laaddiensten. “In het ideale geval wil je auto’s zoveel mogelijk laten laden als er veel opwek is, dus als de zon schijnt, of als er veel wind is,” schetst Vos. “Dan rij je echt op duurzame energie én nog goedkoper ook.” ‘Slim laden’ kan dat ondersteunen. Van slim laden is bijvoorbeeld sprake als laadpalen op basis van beschikbare data nagaan of het mogelijk is het opladen van een bepaalde auto uit te stellen tot een geschikter tijdstip. “Dat kan zijn op basis van de weersvoorspelling; het laden wordt uitgesteld tot het tijdstip waarop er meer zon of wind is. Of er worden minder auto’s tegelijkertijd opgeladen wanneer er juist minder aanbod is,” licht Vos toe. “Dit moet altijd aansluiten op de wensen van de berijder. Die bepaalt.”
 

Bregje Vos

 

Slimme laadpalen

Er lopen verschillende experimenten die de mogelijkheden en randvoorwaarden voor slim laden onderzoeken. Zo bekijkt Enpuls in een project met de provincie Noord-Brabant, netbeheerder Enexis en kennisplatform ElaadNL aan welke vereisten een laadpaal moet voldoen om zo slim mogelijk te kunnen laden. Om de beschikbare energie slim te kunnen gebruiken, is het namelijk van belang dat de beschikbare laadpalen met elkaar in verbinding staan en een netwerk kunnen vormen. Zo kan vraag naar en aanbod van energie op basis van real time data optimaal worden verdeeld over het netwerk van laadpalen. Dat voorkomt piekbelasting op het energienet.

“Daarnaast experimenteren we komende jaren met de provincie op grote schaal om elektrisch rijden verder te brengen, zodat er in 100.000 elektrische voertuigen rondrijden in Brabant.”

Ook gebruikers zelf kunnen een rol spelen in de ontwikkeling van slimme duurzame mobiliteit. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van een social charging applicatie, die elektrische rijders onderling verbindt. Zo brengen zij met elkaar in kaart wie op welk moment welke laadpaal nodig heeft, met als doel het oplaadnetwerk efficiënter te gebruiken. De rijders kunnen hiermee ook sneller beschikbare laadpalen vinden.

Samen slim rijden

Vos noemt een ander voorbeeld dat zij interessant vindt: ‘Samen slim rijden’. Dit is een praktijkproef waarvoor energiecoöperatie Duurzame Energie Haaren het initiatief nam. In de proef maken bewoners uit een wijk gebruik van vijf elektrische deelauto’s, tegen een maandelijkse bijdrage en een kilometervergoeding. “Wij bekijken hoe dat werkt in de praktijk. Hoe wordt er geladen? Hoe vaak en op welke momenten gebruiken mensen de auto’s?” Dit soort ideeën en initiatieven onderzoekt en ondersteunt Enpuls om duidelijk te krijgen waar mensen precies behoefte aan hebben.

Verder kunnen coöperaties samen met Enpuls experimenteren met nieuwe laaddiensten. “Wij testen nieuwe ideeën graag in de praktijk en willen toekomstige gebruikers zo vroeg mogelijk betrekken en obstakels waar mogelijk uit de weg nemen”, zegt Vos. “Daarom horen we graag waar lokale initiatieven tegenaan lopen. Door al die experimenten doen we kennis op, die we weer met anderen kunnen delen.“

Samenwerken met energiecoöperaties is nog om een andere reden belangrijk in het streven van Enpuls om te zorgen dat alle auto’s straks zonder schadelijke uitstoot rijden: “Koplopers binnen coöperaties kunnen anderen kennis laten maken met elektrisch rijden en hen daarvoor enthousiasmeren. Deelauto’s kunnen een eerste laagdrempelige kennismaking zijn.”

Dit alles helpt Enpuls om ervoor te zorgen dat er in de toekomst genoeg ruimte en capaciteit beschikbaar is om op te laden. “Het zou prachtig zijn als we die miljoen elektrische auto’s in 2027 zien rondrijden. Daar bereiden we ons nu op voor.”

Dit artikel is tot stand gekomen met dank aan Bregje Vos en komt uit de brochure 'Hier gebeurt het! Burgers in de energietransitie'.