Bij het opzetten van coöperatieve energieprojecten zijn er diverse belastingen en heffingen waar je je als coöperatie en deelnemend lid mee te maken krijgt. We geven een overzicht met algemene regels en gaan daarna iets dieper op een enkele belastingen en heffingen in.

Noot: Neem als coöperatie tijdig contact op met je belastingadviseur of accountant over je specifieke situatie, en adviseer de deelnemende leden dat ook te doen. We gaan in dit artikel bijvoorbeeld niet in op specifieke zaken als verlengstukwinstbepaling of deelnemingsvrijstelling.

Belastingen/heffingen voor de coöperatie

Algemene regels

Omzetbelasting (btw)

  • Btw over inkoop en verkoop goederen en diensten.
  • Geen btw over de SCE-subsidie
  • Mogelijk btw over andere subsidies.

Vennootschapsbelasting (vpb)

  • Ja:
    • Geldlening/obligatie: de rente wordt gezien als aftrekbare kostenpost, dus vóór winstbepaling in de aangifte vennootschapsbelasting.
    • Niet-geldlening/participatie: eventuele winstuitkering is na winstbepaling in de aangifte vennootschapsbelasting.

Overdrachtsbelasting

  • Voor eventueel vestigen van een recht van opstal

Assurantiebelasting

Lokale heffingen

  • Mogelijk, verschilt per gemeente

 

Belastingen/heffingen voor de leden

Algemene regels

Btw

  • Als leden goederen of diensten afnemen van de coöperatie.

Dividendbelasting

  • Geldlening/obligatie: nee.
  • Niet-geldlening/participatie: door coöperatie afgedragen dividendbelasting invullen bij aangifte inkomstenbelasting.

Inkomstenbelasting (IB)

  • Vermogen: vorderingen op grond van de geldlening of de waarde van de participaties vallen meestal onder de vermogensbestanddelen in Box 3. Dus leden betalen vermogenrendementsheffing als hun vermogen groter is dan het heffingsvrije vermogen.
  • Rente (uit geldlening): niet belast.
  • Bij winstuitkering: door coöperatie betaalde dividendbelasting invullen bij aangifte IB.
  • Bij winstuitkering: valt in de meeste gevallen in Box 3.

Toelichting bij belastingen en heffingen

Een aantal belastingen lichten we hieronder wat uitgebreider toe. We delen het op in belastingen voor de coöperatie en belastingen voor leden van de coöperatie.

Belastingen voor de coöperatie:

> Omzetbelasting (btw)

De omzetbelasting is een belasting op toegevoegde waarde. Dat betekent dat je verplicht bent voorbelasting te betalen over de inkoop van goederen en diensten. Denk bijvoorbeeld aan de investering in een zonnepaneleninstallatie (aftrek omzetbelasting) en verkoop van zonnestroom en Garanties van Oorsprong aan de energieleverancier (afdracht omzetbelasting). De inleg van leden, via participaties of een geldlening, vallen in de kapitaalsfeer en vallen daarom niet onder de omzetbelasting.

Belastingplichtig?

Of de coöperatie belastingplichtig is voor de omzetbelasting hangt af van de activiteiten van de coöperatie. De Belastingdienst meldt: "De Kamer van Koophandel geeft na inschrijving uw gegevens aan ons door. U hoeft uw onderneming dus niet apart bij ons aan te melden. U krijgt van ons bericht over de registratie van uw onderneming in onze administratie. U krijgt dan ook uw omzetbelastingnummer en btw-identificatienummer."

In de praktijk blijkt dit niet altijd zo te werken bij startende coöperaties, omdat er nog geen activiteiten zijn. Ga je van start met in- of verkoopactiviteiten en heb je geen omzetbelastingnummer en btw-identificatienummer gekregen? Neem dan contact op met de Belastingdienst.

De SDE+ subsidie, waar de SCE een variant op is, is uitgezonderd van de omzetbelasting. Maar hiervoor is wel een aparte uitspraak van de Belastingdienst gedaan die expliciet vermeldt dat de algemene regel bij de SDE ook geldt, namelijk: geen tegenprestatie aan subsidiegever. Zie ook de site van RVO.  

> Vennootschapsbelasting (vpb)

Een coöperatie is altijd belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. De vennootschapsbelasting (vpb) is een belasting die wordt geheven over de winst van ondernemingen, zoals naamloze of besloten vennootschappen (nv, bv) en coöperaties. Ook indien je geen winst maakt ben je verplicht aangifte te doen.

Na het opstellen van de jaarrekening moet de coöperatie de aangifte vennootschapsbelasting opstellen. Hiervoor kan de coöperatie opdracht geven aan een accountant. Na het indienen van de aangifte zal er een aanslag vennootschapsbelasting worden opgelegd door de belastinginspecteur.

In de praktijk zullen de afschrijvingslasten van de zonnestroominstallatie de fiscale winst behoorlijk drukken. Dat kan leiden tot een boekhoudkundig verlies en een negatieve aangifte vennootschapsbelasting. Deze fiscale verliezen zijn onder voorwaarden te verrekenen met winsten van latere jaren.

Er is een belangrijk onderscheid tussen een lening en een participatie voor de vennootschapsbelasting:

  1. De kapitaalinbreng van leden is een lening: de rente wordt gezien als aftrekbare kostenpost, dus vóór winstbepaling in de aangifte vennootschapsbelasting.
  2. De kapitaalinbreng van leden is een participatie: eventuele winstuitkering is na winstbepaling in de aangifte vennootschapsbelasting.

De vennootschapsbelasting is een winstbelasting. Deze wordt geheven over het positieve resultaat van de coöperatie. Winsten tot € 245.000 (in 2021) worden belast tegen 15%. Winsten boven de € 245.000 tegen 25%.

Als ondernemingen als lid deelnemen in de coöperatie kan er sprake zijn van ‘verlengstukwinst’. Dit is de winst die toerekenbaar is aan de prestatie van of door de leden. De verlengstukwinst is aftrekbaar van de winst van de coöperatie. Hieraan zijn nadere voorwaarden verbonden en moet afgestemd worden met de belastinginspecteur.

> Dividendbelasting

De coöperatie moet in principe bij winstuitkering aan de leden (anders dan rente en aflossing) dividendbelasting inhouden. Binnen een maand na de winstuitkering moet de coöperatie aangifte doen en dividendbelasting betalen. De ontvangende leden moeten de ingehouden dividendbelasting invullen bij hun aangifte Inkomstenbelasting.

> Overdrachtsbelasting

Onder de SCE is een recht van opstal nodig om de eigendom van de zonnepaneleninstallatie op het dak of veldopstelling bij de coöperatie te borgen.

In principe is het vestigen van een recht van opstal een overdracht van waarde op basis van het exclusieve gebruik van een dak of perceel. Het vestigen van een recht van opstal is dan ook in beginsel belast met overdrachtsbelasting.

> Assurantiebelasting

Verzekeringen zijn vrijgesteld van btw. Over verzekeringen moet wel assurantiebelasting worden betaald. Assurantiebelasting is een belasting op verzekeringen en kent een tarief van 21%. Dit betaal je als coöperatie over de verzekeringspremie als de verzekeraar en de verzekeringnemer een verzekering afsluiten.

Houd ook rekening met advieskosten aangezien afsluitprovisie niet meer is toegestaan.

> Lokale heffingen

Het recht van opstal leidt doorgaans tot het ‘ontstaan van een heffingsobject’ voor verschillende lokale heffingen, zoals onroerendezaakbelasting, afvalstofheffing etc. Per gemeente kan er worden bekeken of er begunstigend beleid is voor het bepalen van de belastingheffing/grondslag.

Belastingen voor de leden van een coöperatie:

> Inkomstenbelasting (IB)

Noot: We geven hieronder algemene regels. Aangezien persoonlijke situaties flink kunnen verschillen, is het verstandig dat je als deelnemer van een energieproject persoonlijk advies vraagt aan een belastingadviseur of accountant.

In beginsel vallen de vorderingen op grond van de geldlening of de waarde van de participaties onder de vermogensbestanddelen in Box 3. Als je als lid een groter vermogen hebt in Box 3 dan het heffingsvrije vermogen (minus Box 3-schulden), dan betaal je over dat vermogen Box 3-heffing (vermogensrendementsheffing).

Er zijn twee uitzonderingen op de Box-3-regel:

  • Als je als lid mee doet als eenmanszaak of VOF kan er sprake zijn van een financiële participatie in Box 1 (ondernemersvermogen).
     
  • Als je als lid meer dan 5% stemrecht of winstrecht hebt in de coöperatie en vanuit die positie gelden ontvangt, kan het lidmaatschapsrecht onderdeel vormen van een aanmerkelijk belang in Box 2. Ook hiervoor geldt het advies om dit af te stemmen met belastingadviseur of accountant.

Niet alleen het vermogen is van belang voor de aangifte inkomstenbelasting van leden. Er kan ook sprake zijn van inkomsten uit rente of uitkering van winst. We onderscheiden twee manieren van participatie in de coöperatie:

  1. De kapitaalinbreng van leden is een lening: de ontvangen rente is onbelast.
  2. De kapitaalinbreng van leden is een participatie:
    • a) ​​​​​De leden kunnen de ingehouden dividendbelasting invullen bij hun aangifte inkomstenbelasting (zie ook dividendbelasting).
    • b) Eventuele winstuitkering valt in de meeste gevallen in Box 3.

De participatie in de coöperatie valt helaas niet onder de goedkeuring voor groenbeleggingen met vrijstelling.

Disclaimer: Dit artikel is met zorg samengesteld door HIER opgewekt in samenwerking met de expertgroep postcoderoos. Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend. Het verdient aanbeveling om zo nodig in concrete gevallen advies in te winnen.