De gemeente Moerdijk heeft specifieke regels opgesteld voor zonnepanelen op monumenten en in het beschermd stadsgezicht van Willemstad (Noord-Brabant). In het nieuwe beleid ‘Zonnepanelen voor monumenten en beschermd stadsgezicht Willemstad’ heeft de gemeente de regels voor de vestingstad vastgelegd.

Nieuwe criteria

Met het huidige gemeentelijke beleid is plaatsing bij monumenten en binnen het beschermde stadsgezicht in de praktijk vaak niet mogelijk. Omdat de regelgeving daarvoor nog onvoldoende ruimte biedt. De gemeente Moerdijk heeft daarom bekeken of ze het beleid voor zonnecollectoren in beschermd gebied en bij monumenten kunnen actualiseren. Met als doel het duurzaamheidsbeleid van de gemeente duidelijker te maken. De kern: zonnepanelen meer toestaan waar dat kan en blijven uitsluiten waar dat moet.

Het nieuwe gemeentelijke beleid van Moerdijk is gebaseerd op uitsluiting van bijzondere en unieke cultuurhistorische objecten, tien algemene uitgangspunten en drie gebieden waar in verschillende mate de zichtbaarheid van zonnepanelen is toegestaan.


'Zonnepanelen meer toestaan waar dat kan en blijven uitsluiten waar dat moet'
 

Uitgesloten objecten

De gemeente Moerdijk heeft een lijst met objecten uitgesloten van plaatsing van zonnepanelen, vanwege een te grote aantasting van de monumentwaarden. Op sommige markante gebouwen zijn panelen te beeldverstorend en daarom niet toegestaan. Dit betreft gebouwen met een bovenlokale én lokale betekenis en uitstraling, waarvoor geen wijziging in het huidige beeld gewenst is. Bijvoorbeeld kerken en kloosters, molens, forten en vestingwerken. 

Tien algemene uitgangspunten

De gemeente heeft tien algemene uitgangspunten geformuleerd voor het plaatsen van zonnepanelen. Ze gelden altijd bij het plaatsen van zonnepanelen op monumenten in de gemeente Moerdijk en beschermd stadsgezicht Willemstad:

  1. In alle situaties wordt de kap van het hoofdvolume zo veel mogelijk gemeden. Mogelijkheden kunnen worden gezocht op het achtererf, op ondergeschikte (platte) daken of daken van aan- en bijgebouwen. Wellicht zouden in sommige gevallen voor particuliere ook collectieve zonnedaken of zonneweides een oplossing voor verduurzaming kunnen bieden.
  2. Zonnepanelen worden boven op de dakbedekking geplaatst, zodat bij later verwijderen weer een ongeschonden dakvlak zichtbaar wordt.
  3. Zonnepanelen aan gevels of in voortuinen zijn niet toegestaan.
  4. Zonnepanelen op schuine daken worden in dezelfde hellingshoek als het dakvlak geplaatst.
  5. Zonnepanelen worden in een rechthoekige vorm gelegd. Getrapte, onderbroken of asymmetrische vormen (bijvoorbeeld rond dakramen en dakdoorvoeren) zijn niet toegestaan.
  6. Bij meerdere zonnepanelen op één dakvlak worden de panelen allemaal in dezelfde richting geplaatst (alle panelen horizontaal of verticaal).
  7. Het toepassen van verschillende formatie, typen en fabricaten zonnepanelen op één dakvlak is niet toegestaan.
  8. Zonnepanelen worden geheel in een donkere matzwarte kleur uitgevoerd. Blauwe panelen en panelen met zilverkleurige randen zijn niet toegestaan.
  9. Op een aantal bijzondere beeldbepalende gebouwen zijn zonnepanelen expliciet niet toegestaan.
  10. Los van deze algemene uitgangspunten gelden er ook aanvullende gebiedscriteria (A, B, of C) en een aparte set criteria voor monumenten (D), die meer gedetailleerde regels geven voor de plaatsing en afmeting van panelen.

Gebiedscriteria en aparte criteria rijks- en gemeentelijke monumenten

Willemstad is verdeeld in drie gebieden waar in verschillende mate de zichtbaarheid van zonnepanelen is toegestaan. In elk gebied geldt daarbij een eigen set criteria. Afhankelijk van het gebied mogen zonnepanelen - naast de tien algemene uitgangspunten - wel, beperkt of niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte. Daarnaast zijn voor rijks- en gemeentelijke monumenten aparte toetsingscriteria geformuleerd.

Download

Bron: gemeente Moerdijk