Enerzjy Koöperaasje Garyp staat in de startblokken om een zonnecentrale met 27.000 zonnepanelen te bouwen op een voormalige afvalberg. Om zo’n grootschalig zonnepark te realiseren heeft de coöperatie wel enkele hordes moeten nemen. Charlie Kock, adviseur van het coöperatiebestuur, deelt zijn ervaringen in de aanloop naar dit project.

In het Friese dorpje Garyp wonen zo’n 800 gezinnen die een hechte gemeenschap vormen. Charlie Kock werd gevraagd om de haalbaarheid van duurzame-energieopwekking op publieke gebouwen – kantines, scholen, verenigingsgebouwen – te onderzoeken. Kock: “In plaats van allemaal losse initiatieven te starten, wilden we het groter aanpakken met een energiecoöperatie. Dat resulteerde in de oprichting van de Energzjy Koöperaasje Garyp eind 2014, met inmiddels 84 leden. De coöperatie wil de kringlopen sluiten op dorpsniveau. We begonnen met gezamenlijke inkoop van groene stroom en het stimuleren van opwekking bij bewoners, later kwam de zonneweide in beeld.”

Zonneweide

De zonneweide met maar liefst 27.000 zonnepanelen moet komen op een voormalige vuilstort. Oorspronkelijk zou Zonneparken Nederland het park van 5,5 MW ontwikkelen en zou de energiecoöperatie 0,5 Mw cadeau krijgen. Kock: “Ik heb voorgesteld om de ontwikkeling, financiering en exploitatie in eigen hand te houden, zodat je de revenuen ook lokaal behoudt. Het park kan de komende 15-20 jaar inkomsten genereren voor de lokale gemeenschap. Zonneparken Nederland is akkoord gegaan en heeft haar SDE+ beschikking aan ons overgedragen. Dat kan, omdat de locatie en opwekcapaciteit hetzelfde blijft. We hopen binnenkort de opdracht tot bouwen te kunnen geven en per 1 november dit jaar stroom te produceren.”

Businesscase

Rabobank financiert 80% van de investering, het provinciefonds Fûns Skjinne Fryske Enerzjy (FSFE) 20%. Kock: “Financiering zie ik als een van de minste problemen. Het zijn vooral de kostenposten die onze businesscase – nu met een rendement van 2,3% – onderuit halen. Als we opstalrecht vestigen, moeten we bijvoorbeeld Onroerendezaakbelasting (OZB) betalen. Ook de netaansluiting is een discussiepunt. Wij wilden voor drie percelen aparte aansluitingen, maar Liander staat maar één aansluiting per partij toe. We gaan niet meer in discussie, omdat we het park moeten realiseren voor de SDE+ beschikking verloopt. De geplande 6 MW blijkt ook net een lastige hoeveelheid voor netbeheerders, 5 MW was beter geweest. Maar ook dat kunnen we niet veranderen vanwege de SDE+ beschikking.”

Socialiseren

De aansluiting en netverzwaring kost de coöperatie 8 ton op een totale investering van 7,5 miljoen euro. Kock vindt het onterecht dat initiatieven moeten opdraaien voor alle kosten die nodig zijn om hun installatie op het net aan te sluiten. “Welke kosten kun je toerekenen aan een project, en welke kosten zijn te socialiseren? Provincie Friesland wil bijvoorbeeld heel veel windenergie realiseren. Zouden zij dan niet een deel van de kosten voor de benodigde netverzwaring op zich moeten nemen? Netbeheerders verschuilen zich nu achter de wet, die zegt dat de ‘veroorzaker’ voor de kosten moet opdraaien. Oftewel, de welwillende lokale initiatieven die vrijwillig aan de slag gaan met verduurzaming.”

Groencertificaten

Wie duurzame energie opwekt, krijgt Garanties van Oorsprong (GvO’s) van CertiQ, ‘groencertificaten’ die de duurzame oorsprong van de energie garanderen. Deze GvO’s zijn los van de stroom te verhandelen; de koper kan zo zijn energiegebruik vergroenen zonder zelf duurzame energie op te wekken. Kock: “Veel partijen hebben interesse in GvO’s. Je kunt nu zelfs GvO’s uit Noorwegen kopen om hier te vergroenen. Om deze ‘valse’ vergroening tegen te gaan wordt de verkoop van GvO’s in de toekomst mogelijk landelijk begrensd. Als dat gebeurt, wordt het verhandelen van GvO’s voor ons interessant, omdat wij dan in verhouding een groot deel van de Nederlandse groene stroom opwekken.”

Doorbraak

Kock verwacht dat binnen vijf jaar een doorbraak in techniek, zoals energieopslag. “Dan zouden we een deel van onze zonne-energie kunnen opslaan om op een later moment te gebruiken. De opwekking van zon- en windenergie fluctueert, dus is het belangrijk te zorgen dat vraag en aanbod matchen. Ik zie veel kansen in het combineren van wind, zon en opslag. Nu techniek steeds betaalbaarder wordt, is een sluitende businesscase binnen handbereik.”

TIPS

  • Investeer een deel van de revenuen in de lokale gemeenschap om binding te creëren
  • Ga op tijd in gesprek met de netbeheerder om oponthoud te voorkomen
  • Bedenk goed welk vermogen zonnepark je neerzet; groter is niet altijd praktisch

Dit artikel is geschreven naar aanleiding van de presentatie van Charlie Kock tijdens de kennissessie projectrealisatie zon op 14 april 2016 in Zwolle. Hieronder volgen de vragen & antwoorden uit de zaal.
 

VRAAG & ANTWOORD UIT DE ZAAL

  • Is de prijs een belangrijke drijfveer voor mensen om stroom gezamenlijk in te kopen?

Kock: “Bij ons niet. Je verdient weinig met de gezamenlijke inkoop, maar je steunt wel de lokale gemeenschap. Dat is in Garyp een belangrijke drijfveer, maar kan in andere regio’s heel anders zijn.”

  • Kunnen inwoners en ondernemers ook in de zonneweide investeren?

Kock: “Nee, we hebben bewust nu voor bankfinanciering, omdat de SDE+ om een behoorlijk snel realiseringstempo vraagt. Later willen we alsnog gaan crowdfunden om de lening versneld af te lossen. We willen ook nog kijken naar mogelijkheden met de postcoderoos, want we hebben nog klein stukje ruimte over.”

  • Hoe creëer je betrokkenheid van het dorp als ze de stroom niet afnemen of investeren?

Kock: “Het rendement dat we hebben, investeren we in de lokale gemeenschap. In 16 jaar is dat toch 1,4 miljoen euro. En dat komt ten goede van de héle gemeenschap, niet alleen van mensen die er een aandeel in hebben.”

  • Hadden jullie last van weerstand in het dorp?

Kock: “Nee, helemaal niet. Er zijn wel discussies over het leggen van zonnepanelen op eigen daken, omdat mensen daar esthetische bezwaren tegen hebben.”

  • Waarom hebben jullie niet gekozen voor een windmolen?

Kock: “Dat staat provinciaal beleid niet toe. Een dorp in de buurt wil haar huidige windmolen na 25 jaar vervangen, maar heeft de grootste moeite om dit voor elkaar te krijgen.”

  • Hoe ga je panelen plaatsen?

Kock: “Plaatsing was een lastig issue. De grond is instabiel omdat de vuilstort pas recentelijk afgedekt is. De installatie mag niet wegwaaien of verzakken, nog best een uitdaging voor de installateur. Het plan is nu om de panelen in een hoek van 11 graden oost-west (portrait) tegen elkaar te plaatsen. De ruimte dwingt ons hiertoe. Met een zuidoriëntatie heb je minder panelen nodig, maar wel meer grond. En ander voordeel van oost-west is dat je meer verspreid over de dag opwekt: eerst veel oost, dan veel west. Daardoor is er meer continuïteit, en met optimizers kun je de opbrengst maximaliseren.”

  • Van wie is de grond?

Kock: “De grond is van een particulier. Die wilde iets terugdoen voor het dorp omdat veel mensen zich ergerden aan de vuilstort. We betalen alleen een heel kleine vergoeding voor de basiskosten van het stuk grond. Na de eerste 15-16 jaar krijgt hij jaarlijks de grondwaarde: 15.000 euro, voor 6 ha een heel redelijk bedrag.”

  • Wie gaat de energie afnemen?

Kock: “Hierover zijn we nog in gesprek met diverse partijen. We verkopen de elektriciteit en de GvO’s los. Op termijn verwacht ik dat vooral de GvO’s interessante handel worden.”

  • Hebben jullie nog geen eigen kapitaal?

Kock: “Nee, we hebben op dit moment alleen nog maar kosten. We hebben een stichting Griene Greide opgericht om schulden te kunnen maken voordat er inkomsten zijn. De kosten gaan altijd voor de baten uit.”

  • Is er sprake van vennootschapsbelasting?

Kock: “Nee, als je de organisatie zo inricht dat je geen winst maakt en geen bedrijf bent, dan krijg je vrijstelling van vennootschapsbelasting.”