Bijna alle Nederlandse woningen zijn nog aangesloten op het gasnet. Vanwege de CO2-uitstoot die het koken en verwarmen op aardgas veroorzaakt, wil Nederland hier voor 2050 van af. Volgens het Klimaatakkoord moet zo’n 20% van alle Nederlandse wijken al voor 2030 van het gas af zijn. Daarom zijn verschillende wijken inmiddels gestart met hun zoektocht naar duurzame alternatieven voor aardgas. Zo ook Schothorst-Zuid in Amersfoort, De Wijk van de toekomst in Ermelo-West en Paddepoel in Groningen. Hoe pakken zij het aan?

Warmteplan Schothorst-Zuid - Amersfoort

“Schothorst-Zuid is de eerste wijk in Amersfoort waar de gemeente een wijkwarmteplan voor maakt. Anderhalf jaar geleden startten wij met het vertellen dat de wijk van het aardgas af zou gaan”, vertelt projectleider van de gemeente Amersfoort Niko Paap. “We hebben bij elk huis een brief in de bus gedaan met als doel een bewonersbijeenkomst te organiseren. Uiteindelijk hebben we drie bijeenkomsten georganiseerd waar in totaal 300 mensen aanwezig waren. Er was veel interesse: 120 mensen wilden meedenken in een klankbordgroep.”

Tjerk-Peter van de Berg is initiatiefnemer van bewonersinitiatief Duurzaam033 en als bewoner nauw betrokken bij het wijkwarmteplan: “Onder de bewoners heerste in eerste instantie wantrouwen. Bewoners zaten met veel vragen die ze niet kwijt konden. Wat is een warmtepomp? Is het wel betaalbaar? Hoe moet het dan? Welke oplossingen zijn er? Dat veranderde toen de gemeente in samenwerking met het bewonersinitiatief een informatiemarkt organiseerde en er meer concrete informatie kwam. Die markt was een succes: er kwamen 500 mensen op af.”

Samenwerken en concrete informatie bieden

Paap: “Behalve het informeren van bewoners zijn we ook met hen gaan samenwerken. We hebben hun initiatief ondersteund om een pilot te starten met 10 woningen. Voor deze jaren ‘70 woningen zijn nu drie scenario’s met warmtenet en warmtepompen doorgerekend. We weten nu beter wat de investeringen zijn. We onderzoeken ook de financiering. Uitgangspunt is dat de maandlasten van bewoners ongeveer gelijk blijven. Dat kan deels door een lagere energierekening. Voor het overige ontwikkelen we een gebouwgebonden financieringsvorm en gaan we voor deze eerste wijk een subsidie aanvragen bij het Rijk in het kader van Proeftuin Aardgasvrije Wijken. Het wijkwarmteplan, met een doorrekening van alle kosten voor de scenario’s warmtenet en all electric, is daarvoor de basis. We verwachten begin 2020 een concreet plan te presenteren aan de wijk.”

Van de Berg: “Om meer zeggenschap en inspraak te krijgen, zijn we een buurtinitiatief gestart. Samen werkt ook beter: de gemeente omarmt dit initiatief van harte omdat ze dan beter weet welke vragen en zorgen er zijn. Uiteindelijk moet je het samen doen. Je hebt elkaar hard nodig!”

    Wijk van de Toekomst - Ermelo

    Marjo Kroese is procesbegeleider van Wijk van de Toekomst Ermelo West Midden, één van de 18 Wijken van de Toekomst die onderdeel zijn van het Gelders Energieakkoord: “De Wijk van de Toekomst ligt in Wijk West, een wijk in Ermelo met ongeveer 500 voornamelijk jaren ’70 rijtjeswoningen. Deze wijk bleek de meest logische eerste stap in ons onderzoek naar hoe bestaande woningen van het aardgas kunnen worden afgesloten. Corporatie Uwoon was er namelijk al bezig met verduurzaming.

    Als eerste stap hebben we bewonersavonden georganiseerd. We legden uit wat we van plan waren, met het uitdrukkelijke verzoek om met ons mee te denken. Vervolgens is een werkgroep met bewoners opgericht. Die bestaat nog steeds. Uiteindelijk gaat het om hun huis en hun geld.”

    “In de werkgroep hebben we flinke discussies gehad: hoe moet het dan? Hoe gaan we het betalen? We hebben daarom verschillende excursies georganiseerd, expertsessies gehad en een subsidieaanvraag ‘Gelderse proeftuin’ ingediend bij de provincie Gelderland. We hebben daarvoor 4,4 miljoen euro subsidie gekregen. Bewoners willen niet worden gepusht. Daarom besloten we de pilot op te delen in drie fases. Een isolatiefase en technische oriëntatiefase waar bewoners circa zes jaar over mogen doen, afgesloten met een installatiefase in het zesde en zevende jaar. De oriëntatiefase doen we samen met bewoners. We maken een programma van eisen en kijken hoe verschillende technieken hierop scoren. In zo’n programma nemen we bijvoorbeeld op hoeveel ruimte een bepaalde installatie inneemt en hoeveel geluid deze maakt.”

    Zelf bepalen hoe je het aanpakt

    “Bewoners bepalen zelf wanneer ze beginnen en hoe ze het aanpakken. Ze kunnen aanspraak maken op 12.000 euro per woning. Hiervan kunnen zij 50% van de genomen maatregelen bekostigen. Het overige deel moeten zij zelf financieren. Bijvoorbeeld met eigen spaargeld of een duurzaamheidslening. Een belangrijke vraag die mogelijk in de oriëntatiefase wordt beantwoord, is of een collectieve oplossing efficiënter is dan allerlei individuele oplossingen. Of we het in zeven jaar tijd gaan halen, hangt van de bewoners af. We hopen dat mensen die beginnen, een soort voortrekkersrol gaan vervullen. Ook heeft Uwoon twee voorbeeldwoningen met zonnepanelen, zonneboilers en warmtepomp. Dat maakt het ook tastbaarder.”

    Buurtwarmte Paddepoel - Groningen

    Els Struiving van het bewonersinitiatief 050 Buurtwarmte: “In Groningen is het aardgasvrije initiatief vanuit de bewoners zelf ontstaan. Buurtwarmte Paddepoel realiseert het warmtenet samen met Grunneger Power. De ontwikkeling van het project is ondergebracht bij stichting 050 Buurtwarmte. De kennis die wordt opgedaan zal via de stichting ook in andere wijken van Groningen worden gebruikt.”

    “Twee jaar geleden zijn we begonnen. Onder andere met een buurtonderzoek, het informeren van bewoners, het maken van een website en het organiseren van een wekelijkse inloopmiddag via een koffietafel. Ingenieursbureau Tebodin heeft op ons verzoek een aantal scenario’s doorgerekend. Hiervan is uiteindelijk één scenario overgebleven. Dat conceptontwerp voor een warmtenet en buurtwarmtecentrale hebben we op een drukbezochte avond met 170 bezoekers gepresenteerd aan de buurt. We deden het in de vorm van een speciaal hiervoor gemaakt magazine ‘Buurtwarmte Paddepoel – Bewoners de baas over hun duurzame warmte’. Hierin zijn onder meer heel duidelijk de kosten en de techniek beschreven.”

    Warmtenet: geen gezellig product

    “Het creëren van bewonersparticipatie is niet eenvoudig. Het gaat niet alleen om jouw ideaal, maar je moet je aansluiten bij de wijk. Bovendien is een warmtenet geen gezellig product. Bestaande warmtenetten hebben het imago duur te zijn, en de warmteleverancier is een monopolist. Inmiddels hebben we de businesscase voor ons wensscenario doorgerekend. Het project is haalbaar, mits er geld bij komt – helemaal zonder subsidie gaat ook ons niet lukken. We willen een warmtecoöperatie van burgers oprichten die eigenaar wordt van het warmtenet. Voor wat betreft eisen waaraan zo’n coöperatie moet voldoen op het gebied van leveringsverplichting en dergelijke, hebben we nauw contact met wijkenergiebedrijf Thermo Bello en andere lokale initiatieven via de landelijke dienst Buurtwarmte van Energie Samen.”

    Aan de slag? Tips uit de praktijk:

    1. Zorg ervoor dat het zwaartepunt bij de bewoner ligt. Zij zijn immers eigenaar van de woningen. De gemeente speelt een faciliterende rol.
    2. Zo rond de 500 woningen lijkt een prima aantal voor een pilot te zijn.
    3. Een model- of proefwoning kan wantrouwen en vragen van bewoners wegnemen.
    4. Aardgasvrij is de uiteindelijke doelstelling, maar onderschat het sociale aspect niet. Een bewonersavond, inloopmiddag of lid zijn van een werkgroep moet ook gewoon leuk zijn.
    5. Individueel versus collectief: een collectieve aanpak is mogelijk efficiënter, maar er heerst een gezond wantrouwen tegen de bemoeienis van commerciële bedrijven. Wat is beter?
    6. Zo laag mogelijke kosten zijn cruciaal, daarom is subsidie noodzakelijk. Er is geen wijk die het helemaal op eigen kracht kan.
    7. Het opdoen en delen van kennis is essentieel om mensen te overtuigen. Dat kost veel tijd.
    8. Sluit aan bij wat er in een wijk speelt en bij wat bewoners zelf belangrijk vinden. De ambitie en opgaven van de gemeente zijn één ding, maar als je wilt dat mensen mee doen, moeten ze het gevoel krijgen dat hun bijdrage ertoe doet en aangeven what’s in it for them.

    Nieuwe ronde Proeftuinen Aardgasvrije Wijken (tot 1-4-2020)

    “Alle 355 gemeenten hebben een uitnodiging ontvangen en kunnen tot 1 april 2020 via een webformulier een aanvraag indienen”, zegt Jaap Drooglever van het ministerie van Binnenlandse Zaken. “Er zijn nu 27 proeftuinen. Ook van de tweede ronde is het doel leren opschalen. Onderdeel van het programma is het Kennis- en Leerprogramma. Dit programma faciliteert gemeenten en proeftuinen in het leren van elkaar, het signaleert knelpunten en het verspreidt de geleerde lessen onder alle gemeenten.”

    ”De inhoud en de wijze waarop gemeenten een aanvraag kunnen doen, verschilt ten opzichte van de vorige ronde naar aanleiding van de evaluatie die is gedaan. Er ligt meer nadruk op de robuustheid van de plannen. Met name de financiële en technische onderbouwing, het participatieplan, de wijze waarop de gemeente invulling geeft aan de regierol en de (mogelijke) verbinding met andere wijkopgaven zijn van belang. Door specifieke vragen te stellen, geven wij gemeenten meer duidelijkheid over de onderdelen waar wij belang aan hechten. Ook leggen wij op een aantal zaken meer nadruk, zoals de betaalbaarheid voor de bewoners.”

    “Daarnaast blijkt uit de huidige proeftuinen dat een aantal factoren bepalend is om een aanpak te laten slagen. Een visie op de regierol bijvoorbeeld. Welke rol geef je een gemeente, de bewoners en andere stakeholders? Hoe zorg je ervoor dat de projectstructuur op orde is en goed is verankerd binnen de gemeentelijke organisatie? Hoe sluit het project aan bij andere opgaven die spelen in de wijk? En is er een doordacht participatie- en communicatieplan? We zien dat het helpt als op voorhand actief met de wijk wordt gecommuniceerd over de plannen en voor een goede match wordt gezorgd tussen wat de gemeente wil en wat bewoners willen.”

    Dit artikel is geschreven met medewerking van Niko Paap en Tjerk-Peter van de Berg (Amersfoort), Marjo Kroese (Ermelo), Els Struiving (Groningen) en Jaap Drooglever (Binnenlandse Zaken). Het is geschreven n.a.v. de gelijknamige deelsessie tijdens het Evenement HIER opgewekt 2019.