Het Programma Aardgasvrije Wijken publiceert jaarlijks een overzicht van de voortgang en de leerervaringen in de proeftuinwijken. Het zeer informatieve rapport gaat in op de regie & organisatie, kosten & financiering, participatie & communicatie en een reeks specifieke vragen over warmtenetten.

Een aantal belangrijke conclusies:

  • Gemeenten constateren dat het lastig is een aanbod te doen aan eigenaar-bewoners dat past bij hun doelstellingen (woonlastenneutraal, rechtvaardig). De meeste proeftuinen hebben nog geen uitgewerkte businesscase + aanbod voor de bewoners, maar verwachten dat deze er in 2020 wel zijn.
  • Het proces voor de uitwerking van de aanpak (techniek, businesscase) en de participatie met bewoners en gebouweigenaren is veel intensiever dan gedacht en kost veel tijd en inzet van menskracht.
  • Gemeenten ervaren dat veel bewoners begrip hebben voor aardgasvrij en dat ze vooral vragen hebben over het “hoe en wat”. De meeste bewoners vinden hierbij betaalbaarheid het belangrijkste, gevolgd door “geen gedoe”. Ook rechtvaardigheid scoort hoog (iedereen dezelfde lusten en lasten).
  • De meeste gemeenten hanteren woonlastenneutraliteit als uitgangspunt; het is niet altijd helder wat de gemeenten er precies onder verstaan. Eenmalige aansluitkosten op het warmtenet of investeringen in de woning worden bijvoorbeeld niet altijd meegerekend.
  • De keuze voor technische oplossingen wordt bemoeilijkt door beeldvorming (onder andere in de media) over biomassa, restwarmte en waterstof. De gemeenten hebben behoefte aan landelijk vastgestelde feitelijke informatie.
  • Communicatie is cruciaal, kost tijd en vereist budget; van website tot gesprekken met bewoners. Gemeenten hebben geleerd om hier veel tijd in te steken en goed na te denken over de boodschap.
  • Alle gemeenten hanteren vrijwillige deelname. Een aantal loopt op tegen het probleem hoe bewoners mee te krijgen die uiteindelijk niet willen, met name als het gasnet op korte termijn vervangen moet worden.