Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ollongren heeft de Tweede Kamer op de hoogte gebracht van de voortgang in het Programma Aardgasvrije Wijken. In een kamerbrief deelt ze welke resultaten er in de proeftuinen behaald zijn en welke knelpunten naar voren komen. Ze geeft onder andere aan dat gemeenten meer middelen en bevoegdheden nodig hebben, en dat bewonersinitiatieven een belangrijke rol kunnen spelen.

Het Programma Aardgasvrije  Wijken is inmiddels ruim twee jaar bezig om te leren op welke wijze de wijkgerichte aanpak kan worden ingericht en opgeschaald. Uit de “Voortgangsrapportage PAW - Monitor 2020” blijkt dat meer dan de helft van de proeftuingemeenten van de eerste ronde inmiddels in de uitvoeringsfase zit. De proeftuinen die zich in de uitvoeringsfase bevinden, zijn begonnen met de voorbereidingen voor het aardgasvrij of aardgasvrij-ready maken van de woningen en andere gebouwen in de wijk. Ook zijn de eerste 614 woningen daadwerkelijk aardgasvrij gemaakt.

Extra middelen en bevoegdheden nodig voor gemeenten

Het aardgasvrij maken wijken blijkt een complex opgave. De proeftuinaanpak werkt in die zin dat veel wordt geleerd in de praktijk. Een goede wijkgerichte businesscase, een stevige regierol van gemeenten en samenwerking met partners zijn belangrijk.

De proeftuingemeenten maken zich vooral zorgen over de beschikbaarheid van voldoende middelen en bevoegdheden om de wijkgerichte aanpak succesvol te kunnen uitvoeren. De proeftuingemeenten geven in de Monitor een viertal signalen af:

  1. Zonder aanvullende (rijks)bijdrage komt de businesscase van een wijk vooralsnog niet rond. Ook kunnen verschillende bestaande subsidiemogelijkheden beter worden afgestemd op de wijkgerichte aanpak.
  2. In de proeftuinen is gebleken dat het proces om te komen tot een aardgasvrije wijk arbeidsintensief is. Proeftuingemeenten achten het noodzakelijk dat er door een nieuw kabinet voldoende middelen beschikbaar worden gesteld voor de uitvoering door de gemeenten.
  3. Een wijkgerichte aanpak op basis van louter vrijwilligheid is volgens proeftuingemeenten niet haalbaar. Om wijken daadwerkelijk aardgasvrij te maken zijn wettelijke bevoegdheden noodzakelijk, zoals de mogelijkheid een aanwijzing te geven om de levering van aardgas te kunnen beëindigen. Dit is om te kunnen sturen op de borging van publieke belangen en om hoge maatschappelijke kosten te voorkomen voor het in stand houden van het aardgasnet voor een kleine groep huishoudens. 
  4. Voor het lokale draagvlak is het volgens proeftuingemeenten nodig dat het Rijk zich uitspreekt over de stip op de horizon, een aardgasvrije gebouwde omgeving, en blijft bij die boodschap.

Bewonersinitiatieven spelen een belangrijke rol

Ollongren geeft in de brief verder aan dat bewonersinitiatieven een belangrijke rol kunnen spelen bij de verduurzaming van wijken. De Participatiecoalitie, een samenwerkingsverband van HIER, de Natuur- en Milieufederaties, Energie Samen, Buurkracht en LSA bewoners heeft in samenwerking met het PAW de ervaringen die de afgelopen periode zijn opgehaald gebundeld in het rapport “Bewonersinitiatief in de warmtetransitie: De Participatiecoalitie deelt 20 lessen uit de praktijk”.

Derde ronde proeftuinen aandacht voor isolatie

De minister laat ook weten dat ze voor de derde ronde uitsluitend proeftuinen wil selecteren waarbij woningisolatie onderdeel is van de aanpak. De mate van isolatie in de derde ronde proeftuinen moet daarbij gericht zijn op het bereiken van de Standaard. Ook is er ruimte voor een stapsgewijze aanpak – waarbij na de isolatie in een 2de fase woningen op een aardgas alternatief worden aangesloten.

Lees de hele kamerbrief

Download of bezoek tweedekamer.nl